Het verhaal begint op woensdagavond 3 juni 1992 rond een uur of half acht, als de 27 jarige Lisette Vroege samen met een vriendin op het terras van de tennisvereniging WOC zit, aan de Zeeweg 5 te Overveen, een plaatsje tegen Haarlem aan. Kort hiervoor heeft Lisette met een vriendin een partijtje tennis gespeeld. De vriend van Lisette is ook op het complex aanwezig maar hij speelt op een andere baan een partijtje.
Rond kwart over negen vind Lisette het wel mooi. Ze begint het koud te krijgen en ze zegt tegen haar vriend dat ze vast naar huis gaat. Ze loopt vervolgens naar haar blauwe Volkswagen Polo die op het parkeerterrein van de tennisvereniging staat en rijdt naar huis, een ritje van ongeveer 10 minuten. Lisette is, op het moment dat zij naar huis gaat, gekleed in een paars trainingspak en witte tennisschoenen. Zij heeft een tennisracket merk Donnay en een blikje tennisballen bij zich.
Thuis is voor Lisette een bovenwoning aan de Kleverparkweg te Haarlem, bestaande uit een kamer met balkon en een keukentje met een douche. Lang zou dat echter niet meer duren want de eigenaren van het herenhuis, waar Lisette’s woning deel van uitmaakte, wilden het pand verbouwen tot een appartementengebouw. Lisette kon dan wel een appartement huren maar de prijzen daarvoor lagen veel hoger dan ze kon en wilde betalen. Er bleef dus niets anders over dan dat ze zou gaan verhuizen en daarom was ze druk op zoek naar een andere woning.
Rond vijf voor half tien arriveert Lisette bij haar woning. Ze parkeert haar auto voor de deur en loopt in de richting van de voordeur, een afstand van enkele meters. Een en ander wordt gezien door 2 buurvrouwen en een toevallig passerend joggend meisje.
Er is ook een oudere buurvrouw die de stemmen van een man en vrouw op straat gehoord denkt te hebben en het leek er volgens haar dat beiden ruzie hadden. Ze is echter niet helemaal zeker van haar zaak. De politie hecht dan ook geen waarde aan deze verklaring omdat de vrouw volgens hen te veel twijfelt.
De vriend van Lisette vertelt later aan de politie dat Lisette de gewoonte heeft om bij thuiskomst haar tennisschoenen beneden uit te doen en haar tennisracket neer te leggen, om te voorkomen dat ze gravel van de tennisbaan mee naar binnen neemt. Om in haar kamer te komen hoeft Lisette vervolgens alleen een tussendeur open te duwen, de trap op te lopen en haar kamerdeur van slot te doen. Alles bij elkaar iets dat nauwelijks enige tijd kost.
Ongeveer een halfuur na Lisette, rond tien uur die avond dus, komt volgens zijn eigen verklaring de 26-jarige vriend van Lisette bij haar woning aan. Hij parkeert zijn auto voor de deur en ziet dan dat er geen licht op de kamer van Lisette brandt. Hij vindt dat vreemd want haar auto en haar fiets staan er wel. Nadat hij met zijn sleutel de voordeur heeft geopend valt hem op dat de tennisschoenen van Lisette en haar tennisracket niet zoals anders beneden achter de voordeur staan. Boven treft hij de deur van de kamer van Lisette afgesloten aan, Lisette is dus kennelijk niet thuis en dat vindt hij heel vreemd. Navraag bij de buren levert niet meer op dan dat men Lisette thuis heeft zien komen.
Om elf uur ’s avonds belt hij de politie maar die reageert zoals zo vaak. “Rustig afwachten” is het advies, “ze zal zo wel thuiskomen”.
Maar Lisette komt niet thuis en omstreeks half twaalf belt de vriend opnieuw de politie maar die ziet nog steeds geen reden in actie te komen. De politie belooft wel wat extra rond te rijden in de omgeving om te kijken of ze Lisette tegen komen.
De volgende dag is Lisette nog steeds niet terug en dan kan de vriend eindelijk bij de politie aangifte van vermissing doen. De politie begint dan een onderzoek.
Er wordt onderzoek gedaan in de auto van Lisette, in haar woning en in de omgeving, maar alles zonder resultaat. Duidelijk is wel dat het tennisracket en de tennisschoenen van Lisette verdwenen zijn.
De politie doet via de media een oproep voor getuigen en dat betekent meestal dat er allerlei mensen zich melden die de vermiste persoon ergens gezien menen te hebben. Dat is ook nu het geval en de politie reist stad en land af, natuurlijk zonder resultaat want waarom denkt men dat Lisette vrijwillig is weggegaan?
Ook grote zoekacties door militairen en leden van de Rotary in de Overveense duinen, een televisieoproep, tienduizend gulden beloning en de posteractie van vrienden leiden niet tot nieuwe aanwijzingen.
Volgens een artikel in het blad Actueel, geschreven ongeveer een half jaar na de verdwijning van Lisette, hebben er aan deze zaak maar 2 rechercheurs gewerkt omdat niet vaststond dat er sprake was van een misdrijf. Politiewoordvoerder Jan Kuijl zegt dat er slechts sprake is geweest van een opsporing naar de verblijfplaats van Lisette. Hij verklaart tegen de verslaggevers: “Als er ook maar één druppeltje bloed was op bijvoorbeeld haar tennisracket was gevonden lag de zaak al anders. Dan zou je redelijker wijs uit kunnen gaan van een misdrijf en werd er wellicht een recherchebijstandsteam van een mannetje of twintig geformeerd. Maar om eerlijk te zijn, ik zou niet weten wat die zouden moeten doen. We hebben namelijk geen enkel aanknopingspunt.”
Wij zien niet in wat een druppeltje bloed voor verschil gemaakt zou hebben. Als het bloed van Lisette zou zijn geweest dan zegt dat verder nog niets want het was haar racket en ze kan wel eens een wondje aan haar handen hebben gehad. Waar het omgaat bij vermissingen is dat je de verschillende scenario’s beschrijft en dan kijkt wat het meest aannemelijke scenario is. Dat scenario ga je dan als eerste onderzoeken, zonder natuurlijk de andere scenario’s uit het oog te verliezen.
In geval van een vermissing zijn er eigenlijk 3 scenario’s te bedenken:
- Betrokkene is vrijwillig weggegaan en weggebleven
- Betrokkene heeft zichzelf van het leven beroofd
- Betrokkene is het slachtoffer van een misdrijf geworden.
Voor de beide eerste scenario’s is geen enkele steun te vinden. Van vrijwillig weggaan lijkt geen sprake zijn want alle kleding van Lisette, haar papieren en bankpas werden thuis aangetroffen. Lisette was een positieve jonge vrouw die geen enkele reden had om spoorloos te verdwijnen.
Voor zelfmoord is ook geen enkele aanwijzing. Er is geen afscheidsbrief gevonden en haar lichaam zou dan ondertussen toch wel gevonden moeten zijn.
De meeste steun is dan ook voor het scenario dat Lisette het slachtoffer van een misdrijf is geworden. Gezien de omstandigheden lijken er in dit geval twee scenario’s mogelijk:
- Het misdrijf is gebeurd voor haar woning
- Het misdrijf is gebeurd in haar woning
1. Voor de woning
De afstand tussen de auto van Lisette en de voordeur van de woning was heel kort. Van te voren was niet bekend hoe laat Lisette zou thuiskomen en ook niet of zij alleen of samen met haar vriend zou zijn, per slot van rekening waren beiden die avond op de tennisbaan. Gezien de korte afstand tussen de auto van Lisette en de voordeur moet de dader dan wel nagenoeg voor de woning hebben staan wachten.
Indien het misdrijf buiten voor de woning is gepleegd, betekent dat er sprake moet zijn geweest van een toevallige ontmoeting tussen dader en slachtoffer. Die ontmoeting moet dan nagenoeg direct tot de dood van Lisette hebben geleid want niemand in de buurt heeft haar horen schreeuwen. Theoretisch is dit mogelijk maar het is hoogst onwaarschijnlijk.
Trouwens iemand die net een mens van het leven heeft beroofd wil maar één ding, namelijk zo snel mogelijk wegwezen. Waarom zou hij het risico nemen om met een lichaam te gaan lopen slepen? De kans op ontdekking is dan wel heel groot zeker omdat het nog niet donker was.
Het slepen of dragen van een lijk is trouwens geen eenvoudige zaak en de moordenaar moet dan bovendien de beschikking hebben over een auto om het lichaam in te vervoeren. Die auto moet dan ook nog vlak bij de woning staan en geen van de buren heeft tegen de politie gesproken over een vreemde auto in de straat rond het tijdstip dat Lisette thuis kwam.
Wij achten het daarom de kans dat Lisette op straat het slachtoffer van een misdrijf is geworden heel klein.
2. In haar woning
Het meest waarschijnlijke scenario is daarom dat Lisette in haar woning om het leven is gebracht. We gaan daarvoor even terug naar het verhaal van de vriend van Lisette. Hij zegt tegen de politie dat Lisette na thuiskomst van het tennissen altijd direct beneden haar tennisschoenen uitdoet en haar racket beneden neer zet om te voorkomen dat ze gravel in de woning achter laat.
Als die spullen niet in de woning worden aangetroffen concludeert de politie dat Lisette niet thuis is geweest. In een interview met het blad Actueel zegt één van de twee rechercheurs die de zaak onderzocht hebben: “ Normaal loopt iemand die wil verdwijnen eenvoudig weg. Maar zij is na het tennissen gewoon naar huis gegaan. Ze is alleen nooit binnengekomen.”
Maar dat laatste is volgens ons een voorbarige conclusie. Het feit dat de spullen niet thuis worden aangetroffen wil niet zeggen dat ze er ook niet geweest zijn. De moordenaar kan bewust deze zaken hebben meegenomen om de politie op een dwaalspoor te zetten, om de indruk te wekken dat Lisette niet is thuis geweest. Staging wordt dat in het Engels genoemd. In Amerika is daar veel onderzoek naar gedaan. Uit dat onderzoek blijkt dat wanneer er sprake is van ‘Staging’ dat de dader meestal een bekende van het slachtoffer is die bang is dat bij ontdekking van het misdrijf de politie direct aan hem of haar zal denken.
Dat de dader vermoedelijk een goede bekende is van Lisette wordt ondersteund door het feit dat aan de kamer van Lisette en aan de voordeur van het pand geen sporen van braak zijn aangetroffen. De dader moet dan dus door Lisette moeten zijn binnengelaten of de beschikking hebben gehad over een sleutel.
Het vinden van een schoen en het tennisracket
Enkele maanden na de vermissing, op 28 oktober 1992, wordt tijdens graafwerkzaamheden op de hoek Heussensstraat/Delflaan in Haarlem in de doornstruiken een tennisracket gevonden dat vermoedelijk van Lisette is. Het racket is gebroken. In een sloot langs de Delftlaan tegenover de Heussensstraat, in de buurt van de plaats waar het racket is gevonden, wordt op dezelfde dag een tennisschoen van Lisette gevonden. Kennelijk zijn de beide voorwerpen door de moordenaar daar weggegooid. In de media wordt gemeld dat de goederen zijn aangetroffen op de route van de tennisbaan naar de woning van Lisette. Maar de plaats waar de goederen worden aangetroffen maakt het hoogst onwaarschijnlijk dat de goederen vanuit een rijdende auto zijn weggegooid.
De vondst van de spullen is voor de politie aanleiding een groot onderzoek in de omgeving te starten maar ook dat onderzoek levert niets op. Ook een sporenonderzoek van de gevonden spullen levert niets op en daarna treed de grote stilte in. Lisette is en blijft weg. Zaak gesloten.
Maar heeft de politie niet iets over het hoofd gezien? Waarom zouden de schoen en het racket juist op die plaats door de dader zijn weggegooid?
Het lijkt ons niet waarschijnlijk dat hij dat gedaan heeft om een dwaalspoor uit te zetten want dan had hij de spullen wel op een zodanige plek neergegooid dat ze binnen de kortste tijd gevonden zouden worden. Het lijkt er dus meer op dat de dader gewoon van de spullen af wilde. Maar waarom dan juist op die plaats?
Wij hebben daar wel een idee over maar vinden het niet juist dit idee op dit moment publiekelijk te maken.
Slot
Op 6 juni 2002 is in De Volkskrant een groot artikel over deze zaak verschenen omdat het toen 10 jaar geleden was dat Lisette Vroege verdwenen was. Door de schrijver van het artikel is onder meer gesproken met twee rechercheurs. De rechercheurs spreken tegen de journalist over “een kale verdwijning”. Er is geen stoffelijk overschot, geen motief, er zijn geen bloedsporen, er is geen enkel levensteken. In de “gouden uren”, de eerste uren na de verdwijning, had de politie veel alerter moeten zijn, erkennen zij dan, en meer mensen moeten inzetten om sporen te verzamelen. Omdat er zo weinig aanknopingspunten zijn, komt deze zaak volgens de beide rechercheurs niet in aanmerking voor het cold case squad, het opsporingsteam dat zich bezighoudt met oude, onopgeloste, ernstige misdrijven.
Dit lijkt ons de omgekeerde wereld. Een Cold Case team is er juist voor de schijnbaar onoplosbare zaken, met stil afwachten los je geen zaken op. Gewoon het hele onderzoek opnieuw doen en dan kijken of de zaak inderdaad echt niet op te lossen is. De nabestaanden van Lisette hebben daar recht op.
Voorlopig loopt mogelijk de moordenaar van Lisette nog steeds vrij rond.

Volgens de politie zou het tennisracket gevonden zijn op 26 oktober 1992 en niet op 28 oktober 1992 zo als op deze wedsite staat vermeld.
Enkele vragen / opmerkingen die bij mij opkomen:
- Over de vriend Dinant/Dynand verneem ik niets: Wat is zijn volledige naam? Wat was zijn bijdrage in de weken, maanden en jaren na de verdwijning?
- Het valt op dat de vriend precies de details weet te noemen waaruit zou moeten blijken dat Lisette niet in de woning zou zijn geweest. Tenmeer opvallend omdat Lisette met racket is gezien toen ze uit de auto stapte. Het is aannemelijk dat ze de woning is binnengegaan. Haar vriend kwam iets later en dat er in de woning iets vreselijks heeft afgespeelt. In paniek heeft de dader toe de politie gebeld etc. Politie gaat niet direkt zoeken na een vermissing van één of enkele uren. Nadat de er nog 2 maal met de politie is gebeld was er voldoende ‘bewijs’ dat het toch de vriend niet kan zijn geweest. In de korte tijd na een moord en vermissing kun je als dader heel vreemd reageren. Het is aannemelijk dat het lichaam in de nacht is vervoerd in een auto. Het lichaam is vervolgens heel goed begraven. De schoenen en het racket moesten natuurlijk ook uit de woning weg om elk spoor naar de vriend te doen uitvegen. Dat er slechts één schoen is gevonden betekend niet dat ook niet die andere schoen niet gevonden zou kunnen worden. Aannemelijk is dat deze schoen ook niet meer gevonden zal worden. In mijn theorie komt het racket niet voor als moordwapen. Om geen sporen achter te laten is het aannemelijk dat de vrouw door verstikking, wurging om het leven is gebracht. Het DNA van de vrouw en de vriend is alom in de woning en de auto van haar en haar vriend aanwezig. Is er voldoende gezocht naar DNA materiaal dat van een ander afkomstig was dan haar vriend. Ik lees niets over een eventueel motief dat de vriend zou hebben. Dat betekent overigens niet dat deze man geen motief had. Lisette was een ontwikkelde en zelfbewuste vrouw. Hoog opgeleid en was bezig carrière te maken. Ze had immers zicht op een vastdienstverband dat in september 1992 zou ingaan. Er zijn mij geen redenen bekent waaruit blijkt dat Lisette vrijwillig weg zou gaan, weg zou blijven of zichzelf van het leven zou beroven.
Graag zou ik meer willen weten over de toemalige vriend van Lisette. Wat is zijn volledige naam? Wat is zijn geboorte datum en plaats? Waar verblijft deze toenmalige vriend? Is hij nog betrokken bij het vinden van Lisette? Wat weten we eigenlijk van deze man!! De politie richt haar onderzoek puur en alleen op verdachte zaken rondom de verdwijning van Lisette en niet op de persoon die het meest intiem was met het slachtoffer. Beide personen zijn door het lot aan elkaar verbonden en zullen ook door dit los aan elkaar verbonden blijven. De oplossing ligt deels bij de vriend van Lisette. Hij wist precies wat hij moest doen en kon vertellen aan de politie. Hij wist van de vrije middag van Lisette. Hij ging iets later weg dan Lisette. Daarna houdt het spoor op, maar vanaf het moment dathet voor de politie ophoudt gaat het juist verder nl met wat de vriend op dat moment doet nl bellen met de politie. Tot 3 keer toe heeft de man gebeld. ca 5 maanden later wordt ‘toevallig’ een racket en schoen gevonden. De schoen uit een sloot, is aannemelijk door de graafwerkzaamheden, maar het racket had veel eerder gevonden kunnen zijn indien het racket daar ook al veel langer had gelegen. Het is immers vrijwel uitgesloten dat in een dergelijk druk bevolkte buurt een racket 5 maanden onopgemerkt in de bosjes ligt. Hooguit heeft het daar een week tot enkele weken gelegen. De gemeentelijke plantsoenendienst of gemeente reiniging had het wellicht al eerder opgemerkt, of spelende kinderen of honden die daar worden uitgelaten.
Dat er na bijna 20 jaar nog geen oplossing is neemt niet weg dat er geen oplossing zal komen. Die gaat er nl wel komen en daarvoor is er deze aanwijzing: er wordt nog steeds aandacht aan besteed omdat deze vrouw geheel tegen haar wil om het leven is gekomen. Deze vrouw was eerlijk, oprecht en had (naar mijn mening) geen enkele intentie te twijfelen aan de eerlijkheid van het leven. Echter zij had een dader aangetrokken. Er bestaat immers een relatie tussen dader en slachtoffer hoe dan ook! Niets is zomaar of toevallig. Zodra het onderzoek zich verdiepend richt op de achtergronden van de vriend zal er een oplossing komen. Dat zal prioriteit in het onderzoek moeten krijgen. Het vinden van het lichaam zal daarna uit voortkomen. Ik realiseer mij dat ik hiermee de vriend van Lisette in de daderrol ´druk´, maar voor mij zijn er beslist geen andere redenen om hieraan te twijfelen.
tsja mijn vader heeft meegezocht naar haar. Vreselijk krijg er weer rillingen van.
Waarom doet de politie zo weinig. Waarom niet standaard leren hier van dus is iemand vermist? Kledingstuk uit woning aan hond laten ruiken en direct vanaf de voordeur de hond in gaan zetten! Waarom…
Vriend lijkt me meteen verdacht. Maarja als familie en politie daar niet mee komen zal deze wel minder verdacht lijken…
Vergis je niet…wilde Lisette niet de relatie verbreken ofzo en wilde hij dat niet…hadden ze ruzie omdat het zoeken naar nieuwe woonruimte bijv niet goed vorderde.
Ik heb gehoord via via dat het geen makkelijk meisje was en er problemen waren met het kind. Overal eles je dat ze zo sociaal is…erg apart allemaal.
Ik vraag me af of ‘de vriend’ (dynand) zich nog met deze zaak bezighoudt door (bijvoorbeeld) ontwikkelingen op deze site te volgen. Natuurlijk, zijn zwijgzaamheid en vertrek maakt verdacht. Maar daarom hoeft nog niet ‘getunneld’ worden aan zijn adres. Ik nodig hem van harte uit zijn verhaal met mij te delen via mailwisseling. Is het mogelijk ‘waarheidsvinding’ te bereiken zonder ‘dadervinding’? Ja. 100 % discretie.
De recherche heeft m.i. over de schoen en het racket hetzelfde gedacht als ik nu doe en daarom dat gebied zo intensief onderzocht. Die spullen waren daar later neergegooid, als dwaalspoor waren zij mosterd na de maaltijd en zinloos, het moet dus wroeging zijn geweest, om althans risicoloos de plaats van het graf te duiden en zo de nare onzekerheid bij de achterblijvers weg te kunnen nemen.
Ook een dader heeft behoefte aan closure.
Daarbij is iets mis gegaan; of hij heeft zich nogal in de juiste plek vergist, waardoor die niet onderzocht is geworden of dieren (spelende honden bijv.) hebben de attributen nogal verplaatst.
Haar verdwijnen is dan een Sander V.-achtig scenario en de getuigenissen kloppen. Zij is voor haar deur door een opgefokte bekende uit de buurt aangesproken en meegetroond, de tennisschoenen en het racket nog in haar hand houdend. (wie geen gravel in haar kamer wil, wil ze ook niet in haar auto).
Bij de man binnen is het dan misgegaan, wat en hoe is voor vele varianten vatbaar.
Die nacht of een volgende heeft hij haar naar haar graf gerold en begraven.
-
De eerste intuïtie van haar vriend, dat het mis was, is juist gebleken. Zijn acties, slechts wachten en dan de politie bellen en wat kennissen, waren desastreus. Als hij cool was geweest, zou hij haar met de spullen in haar hand, in de buurt vermoed hebben en gewoon zelf ongegeneerd, of desnoods haarlems gegeneerd, de buurt zijn rond gegaan, aangebeld van deur tot deur en er zo achter zijn gekomen, dat zij gezien was, ook de mevrouw van de stemmen zou hij gesproken hebben en mogelijk een aanwijzing hebben verkregen waar zijn vriendin binnen was gegaan. Hij zou dan in elk geval op het juiste moment de buurt op stelten gezet hebben; voor een kind dat te laat nog niet thuis is doet men dat immers vaak en ook al is er dan niets aan de hand, de uitwerking van het spektakel is qua sociale controle altijd positief.
En een speurhond, desnoods een amateur speurneus, zou daar op dat moment wonderen hebben verricht.
-
Maar ja, Haarlem Kleverparkweg, daar zoekt men ook voor zulke kwesties een beschaafd gereserveerde oplossing. No kidding.
-
En gooi eens een Donnay in de struiken en vertel me dan waar en bij welke actie het hout van de sponning destijds gebroken werd.
-
Jullie hebben gelijk, echt een cold case zaak, om nogeens na te gaan wie daar toen allemaal woonden en of er toch niet één daarvan vreselijk gaat blozen als via een smoes dit onderwerp wordt aangeroerd.
Ik lees talloze theorieën. Deze zijn veelal gebaseerd op de vriend van Vroege. Echter, er zijn andere mogelijkheden, die naar mijn mening, onderzocht dienen te worden. Een van de vragen is of de tijdslijn van die periode wel juist is en of er na zoveel jaar wel eens met getuigen is gesproken om te zien of hun mening van destijds nog steeds hetzelfde is. Zijn er veranderingen in hun verklaring en of zijn er zaken die toen niet als belangrijk werden gezien nu wel belangrijk?
Dat een tennis racket bij een schoen gevonden wordt zal een vraag kunnen zijn van wie is die racket dan eigenlijk? En in hoeverre zijn die spullen geïdentificeerd en door wie?
Ik las tevens dat men het verdacht vond dat de vriend al tegen 23.oo uur de politie belde. Dit is niet vreemd, ik ken vele zaken waar een vriend/familie al na 10 minuten belden. Immers, zij kennen de patroon van degene die vermist wordt. En een patroon en contact momenten met eventuele getuigen zijn zeer zeer zeer belangrijk!
Uw scenario is ook mogelijk maar valt bij ons onder het punt “voor haar woning”. Misschien hadden we echter beter kunnen schrijven “buiten haar woning” en “in haar woning”. Een kwestie van woordkeuze dus. Het idee is echter hetzelfde.
(…)
De meeste steun is dan ook voor het scenario dat Lisette het slachtoffer van een misdrijf is geworden. Gezien de omstandigheden lijken er in dit geval twee scenario’s mogelijk:
1.Het misdrijf is gebeurd voor haar woning
2.Het misdrijf is gebeurd in haar woning
(…)
Een derde mogelijkheid is dat het misdrijf ergens anders heeft plaatsgevonden en dat Lisette vrijwillig naar die locatie is gelopen. Dit kan bijvoorbeeld gebeuren nadat ze een briefje op de deurmat aantrof waarop stond: “Ik heb misschien een hele mooie woonruimte voor je. Moet het wel vandaag weten. Het is vlakbij, dus kom even langs als je dit leest!”
Wat echter sterk tegen dit scenario pleit is dat ze dan haar racket niet zou hebben meegenomen. Zeker als je al half binnen bent en het racket dus snel in het halletje kan deponeren alvorens je een huis gaat bezichtigen.
Voor zover wij weten is het racket toevallig gevonden bij graafwerkzaamheden. Het doel van onze site is voornamelijk voorlichting. In ieder geval hebben wij niet de bedoeling middels deze site te proberen zaken op te lossen.
admin says: “U vraagt om een nauwkeuriger plaatsbeschrijving van de gevonden schoen en racket. Aan dat verzoek kunnen we niet voldoen. Het is prettig dat mensen willen meedenken, maar wij zullen niet meer informatie naar buiten brengen dan strikt noodzakelijk is. Wij beschouwen het onderzoek in dit soort zaken nog steeds als een politietaak en wij willen daarbij niet te veel in de weg lopen.”
Het ging mij niet om de vindplaats zelf, maar om de aanleiding te veronderstellen subsidiair vast te stellen, dat het racket van Lisette was. Was er een tip, dat daar een racket kon liggen? Of vindt iemand toevallig dat racket en denkt deze dan: ‘oh, dat is van Lisette.’ Ik denk zo van niet.
Voorts vind ik het onduidelijk, wat uw doelstelling met deze site is. Het publiek gaan, moet toch tot doel hebben, reacties los te weken, waar wat mee gedaan kan worden? Nu is het echter zo, dat door gebrek aan informatie, die reacties niet erg nuttig kunnen zijn.
Uw mening over de politietaak deel ik maar ten dele. Ik vind ook dat het een politietaak is, maar tevens zie ik, dat de politie niet voor haar taak berekend is.
Uw vraag over DNA onderzoek kan door ons niet beantwoord worden, dat weten we gewoon niet. U vraagt om een nauwkeuriger plaatsbeschrijving van de gevonden schoen en racket. Aan dat verzoek kunnen we niet voldoen. Het is prettig dat mensen willen meedenken, maar wij zullen niet meer informatie naar buiten brengen dan strikt noodzakelijk is. Wij beschouwen het onderzoek in dit soort zaken nog steeds als een politietaak en wij willen daarbij niet te veel in de weg lopen.
Is het dmv een DNA-test bewezen, dat het Lisette’s schoen was? Het was toen 1992, dus was DNA-testen nog een nieuwigheid..
De vindplaats is tamelijk bizar in de D-theorie, want dan zou je toch beter de schoenen in een container of publieke afvalbak kunnen dumpen, die staan er genoeg. Behalve, als het een moedwillig spoor is. Maar dan volgt de vraag, op welke manier de politie getipt werd over de vondst – ik neem aan dat willekeurige werkers niet meteen denken aan een misdrijf, indien zij een kapot racket aantreffen.
Gezien de erlangs lopende vaart, zou je daar toch verder moeten zoeken (is volgens het verhaal ook gedaan, maar wellicht meer voor de vorm).
Om meedenken te stimuleren, zou een veel nauwkeuriger beschrijving van allerlei omstandigheden op zijn plaats zijn.
De sterkste aanwijzing voor het scenario dat D. de dader is, zijn natuurlijk de gevonden schoen en het racket. Dit betekent vrijwel zeker dat ze haar schoenen niet aanhad toen ze overleed, en dus in de woning is overleden. In dat scenario kan D. de schoenen en het racket niet in de woning laten, want dan wijst alles meteen naar hem. Dan is het ook logisch dat hij zegt dat haar schoenen en racket niet in de gang stonden toen hij thuis kwam.Hij wil het immers laten lijken alsof zij niet in de woning is geweest, maar door de dader, niet zijnde hem, is “opgepikt” voordat zij de woning binnenkwam. In zijn paniek heeft hij echter een grote fout gemaakt, door de schoenen en het racket niet samen met het lijk te verstoppen. Of hij heeft gehoopt dat de schoenen en het racket nooit gevonden zouden worden. Hoe het ook zij, als D. niet de dader is, is het volstrekt onlogisch dat Lisette haar tennisschoenen niet aanhad toen zij de dood vond.
Het enige andere scenario is dat de moordenaar haar schoenen heeft uitgetrokken na de moord, maar dat slaat nergens op. Blijft over dat D. de schoenen en het racket, die gewoon in de gang stonden, precies zoals hij zegt dat gebruikelijk was, na de moord kwijt moest. Als Lisette wel gewoon binnen is geweest, dan kan eigenlijk alleen D. de dader zijn. In dat geval moet hij de indruk wekken dat Lisette NIET is binnen geweest. Dus zegt hij dan dat er geen licht brandde, dat de deur op slot was en dat haar racket en schoenen niet op de gang stonden. Maar geen van zijn beweringen zijn te controleren. Het scenario dat zij niet binnen is geweest, is dus uitsluitend gebaseerd op D. verhaal. Maar als D. er meer van weet, is het juist D. die als geen ander belang heeft bij dat scenario, dat eigenlijk nergens gesteund wordt door de feiten en omstandigheden. Sterker, het wordt eerder tegengesproken door de getuigen die haar thuis hebben zien komen en naar de voordeur hebben zien lopen.
Slimmer was natuurlijk geweest om haar de schoenen weer aan te trekken, maar die tegenwoordigheid van geest had hij in dit scenario niet. Wat ook weer goed mogelijk is als hij het lijk snel moest verstoppen. Om geen argwaan te wekken, moet hij tenslotte toch diezelfde avond nog de politie bellen om “de vermissing” te melden. Wat dat betreft is het ook interessant om te weten of hij eerst nog andere mensen (vrienden/kennissen/ouders/buren) heeft gevraagd of gebeld, en vooral hoe laat. In de regel doe je dat eerst als je je werkelijk afvraagt waar ze kan zijn.
Maar ik zal toch vast niet de enige zijn die dit kan bedenken. Vreemd dat de politie D. nooit als verdachte heeft aangemerkt. Het is wel ongelukkig dat de schoen en het racket pas maanden later werden gevonden. De informatie dat Lisette haar schoenen aan had tijdens haar overlijden, kan dus in feite nauwelijks kan kloppen.
Daarmee klopt de informatie van D. (= haar schoenen stonden niet in de hal), dus ook niet. Daarmee wordt het aannemelijk dat haar schoenen WEL in de hal stonden!
Vraag 1: Waarom zou D. op dit punt de waarheid niet vertellen?
Vraag 2: Wie was in de gelegenheid om haar schoenen uit de hal te halen?
(Die vraag is dan relevanter dan: Wie heeft de schoen en het racket op de uiteindelijke vindplaats gedropt?)
Vraag 3: Heeft D. een checkbaar alibi voor het tijdstip van de verdwijning, pak hem beet tussen 21:30 en 23:00 uur? Wie heeft hij bijvoorbeeld gebeld of gevraagd waar Lisette kon zijn voordat hij de politie belde?
Vraag 4: Heeft D. de politie alle medewerking gegeven om de “verdwijning” van zijn vriendin tot een oplossing te brengen?
Wim
“anoniem says:
9 January, 2010 at 17:17
Vreemd dat die vriend, in plaats van even te wachten en vrienden en kennissen te bellen, al om 23.00 uur met de politie belde om te vertellen dat zijn vriendin verdwenen was.”
Als hier iets achter steekt, dan kan dat alleen maar betekenen, dat Lisette op dat moment gewoon nog in leven was. En het bellen kan dan alleen bedoeld zijn, om dat te maskeren.
U stelt een aantal terechte vragen die wij echter op dit moment niet kunnen beantwoorden aangezien wij niet de beschikking over het dossier hebben. We kunnen alleen maar reageren met een tegenvraag: Wat heeft iemand aan een sleutel van de voordeur van een gebouw als hij ook niet de sleutel van de woning heeft?
“Nadat hij met zijn sleutel de voordeur heeft geopend valt hem op dat de tennisschoenen van Lisette en haar tennisracket niet zoals anders beneden achter de voordeur staan. Boven treft hij [D] de deur van de kamer van Lisette afgesloten aan, Lisette is dus kennelijk niet thuis en dat vindt hij heel vreemd. Navraag bij de buren levert niet meer op dan dat men Lisette thuis heeft zien komen.”
Waarom zou Lisette haar deur niet sluiten? Waarom zou je navraag gaan doen bij buren, als je vriendin -even- niet thuis is?
Ging hij niet binnen? Geen enkele versie vermeldt dit. De teksten rond ‘geen licht zien branden’ en ‘afgesloten kamer’ suggereren van niet.
Wat deed hij, indien wel binnengekomen?
Hij beschikte over de voordeursleutel, dus ook over de kamersleutel, neem ik aan. Als dat niet zo was, is dat een vingerwijzing.
Ja, wij kennen dat artikel en hebben de inhoud meegenomen in onze analyse. Wij pretenderen ook niet dat ons scenario het enig mogelijke is, maar volgens ons wel het meest waarschijnlijke.
In het archief van de Volkskrant staat nog meer achtergrondinformatie.
“In haar auto, haar huis, op straat en op stoep werd geen enkele aanwijzing gevonden. Wel was ze overal gezien, bleek uit de vele tips die bij de politie binnenkwamen. Ergens in Florence. Een snackbar in Heemstede. Een tennisbaan in Rosmalen. In een bos in België. In de heuvels van Portugal. Op de boot richting Nederlandse Antillen.
Onbruikbare tips, oordeelde de recherche. Er zouden er nog vele volgen, blijkt uit het vertrouwelijke politiedossier. Er ontstond in die eerste maanden een onontwarbare kluwen van losse eindjes. En daar kwamen al de raadselachtige berichten en visioenen van tientallen paragnosten, pendelaars, helderzienden, wichelroedelopers en mensen die vervelende buren en ex-echtgenoten als verdachten zagen, nog eens bij.
Zo was er een man die op 3 juni in de Kleverparkbuurt heel lang in een auto zou hebben gezeten en iedere voorbijganger indringend zou hebben aangekeken. Twee langharige voetbalsupporters zouden die avond veel lawaai hebben gemaakt en zich verdacht hebben gedragen.
Wat deed de vrouw met de hond in het parkje voor Lisettes woning? Wie was de lifter in Overveen? Een ander meende haar die avond achterop een Gazelle-fiets te hebben gezien bij een jongen met een ringetje in zijn oor, met daarin een hangertje in de vorm van een wietplantje. Er werd zelfs een compositietekening gemaakt van deze fietser.
In de haven van het nabijgelegen Penningsveer lag al een tijd een paarse tennisbroek van parachuteachtige stof opgeborgen. Een man die Lisette in de Dominicaanse Republiek had ontmoet, moest getraceerd worden. In Lisse was een man aangehouden met achterin zijn auto een pruik, een petje, een survival-mes en een zakje met schaamhaar. Een vrouw meldde een vreemde bril in de auto van haar man te hebben gevonden.
Was er een verband tussen de insluiper in Lisettes huis in Utrecht, een paar jaar eerder, en deze verdwijning? En hoe moest de recherche lijnen trekken naar die andere verdwenen meisjes in Drenthe en Enschede of naar criminelen en psychiatrische patiënten die in de omgeving van haar huis woonden?
Zou haar vriend er iets mee te maken hebben? Was hij behalve slachtoffer ook dader, zeker vanwege zijn onduidelijkheid over het tijdstip waarop hij bij haar huis arriveerde?
Het leverde allemaal niets op, evenmin als de grote zoekacties door militairen en leden van de Rotary in de Overveense duinen, een televisieoproep, tienduizend gulden beloning en de posteractie van vrienden tot nieuwe aanwijzingen leidden.
Pas een halfjaar later, met de vondst van Lisettes tennisracket, leek er schot in de zaak te komen. Ergens tussen de tennisvereniging en haar huis was tijdens graafwerkzaamheden op 28 oktober haar Donnay-racket tevoorschijn gekomen. Het was gebroken en lag in de doornstruiken.
Het Gerechtelijk Laboratorium in Rijswijk kon echter geen nieuwe sporen op het racket ontdekken. Ook werd in een sloot even verderop haar tennisschoen gevonden, zo blijkt uit het dossier. Om ‘tactische redenen’ werd deze vondst nooit wereldkundig gemaakt.
In elk geval werden de nabijgelegen sloten en vijvers leeggepompt, de riolering die verstopt zou zijn, gecontroleerd en vierhonderd buurtbewoners ondervraagd. Met een speurhond en een metaaldetector werd de omgeving doorzocht.
Ook niets, helemaal niets.
Nu, tien jaar na de verdwijning, spreken de rechercheurs Ger Zandstra en Cees Hordijk van ‘een kale verdwijning’. Er is geen stoffelijke overschot, geen motief, er zijn geen bloedsporen, er is geen enkel levensteken.
In de ‘gouden uren van de recherche’, de eerste uren na de verdwijning, had de politie veel alerter moeten zijn, erkennen zij nu, en meer mensen moeten inzetten om sporen te verzamelen. Omdat er zo weinig aanknopingspunten zijn, komt deze zaak niet in aanmerking voor het cold case squad, het opsporingsteam dat zich bezighoudt met oude, onopgeloste, ernstige misdrijven”.
Mevrouw d’Augustino stelt vragen die wij ook graag zouden zien beantwoord. Voor zover wij weten heeft er een sporenonderzoek plaats gevonden, alleen we weten niet wat daar is uitgekomen. De tweede, derde en vierde vraag kunnen we niet beantwoorden, we nemen aan dat de politie de buren hiernaar niet heeft gevraagd. Niet bekend is of de auto van de vriend is onderzocht, we nemen aan dat dit niet is gebeurd.
Het staat niet voor 100% zeker vast dat de tennisracket van Lisette is, de tennisschoen wel. Ook over de kwaliteit van de relatie tussen L en D is ons niets bekend, kennelijk hebben de ouders van Lisette geen verdenking gehad in de richting van D.
Wel bevestigd is het feit dat D na L van de tennisbaan is vertrokken.
Wat steeds niet duidelijk in mediaberichtgeving naar voren komt, zijn deze vragen:
*heeft de politie sporenonderzoek in de woning van Lisette verricht?
*heeft iemand Dynant/Dinant thuis horen/zien komen?
*of weg horen/zien gaan na het genoemde tijdstip van 22.00 uur?
*Lisette woonde blijkbaar op de 1ste etage. Waren er geen bewoners op de beganegrond en bovenste etage die iets gezien of gehoord hebben?
*Is de auto van Dynant/Dinant onderzocht?
*Hoe weet de politie zeker dat het gevonden tennisracket van Lisette was?
*Hoe was de relatie tussen Lisette en Dynant/Dinant?
Vreemd dat die vriend, in plaats van even te wachten en vrienden en kennissen te bellen, al om 23.00 uur met de politie belde om te vertellen dat zijn vriendin verdwenen was.
Bij minderjarige kinderen doe je dat maar ook als een volwassen vrouw een paar uurtjes weg is?