Skip to content
 

Aangereden of vermoord?

Bron: De Telegraaf

Door Jolande van der Graaf

Nabestaanden GERRIT SNOEREN willen heropening onderzoek naar bizar campingdrama

Stierf Rotterdammer Gerrit Snoeren (29) drie jaar geleden tijdens een verkeersongeluk of verhulde die gebeurtenis een eerdere dood, wellicht zelfs een moord? Deze krant onthulde vorig jaar hoe twee specialisten destijds ernstig twijfelden aan de officiële toedracht van Gerrits dood. De afgelopen weken kwam een derde, onafhankelijke deskundige met nieuwe, alweer verbijsterende conclusies. De advocaat van de nabestaanden heeft justitie nu verzocht om heropening van het onderzoek naar dit bizarre campingdrama.

DEN BOSCH, zaterdag,

Timmerman Gerrit Snoeren uit Rotterdam werd drie jaar geleden morsdood achterin een gecrashte auto aangetroffen. Op het eerste gezicht leek hij het slachtoffer te zijn geworden van een ‘gewoon’ verkeersongeval. Maar als snel bleek de ingeschakelde deskundigen dat achter de enorme racage op camping De Rietschoof in het Gelderse Aalst mogelijk een geheel andere toedracht schuilging.

De Nissan Patrol waarin Gerrits lichaam lag, was in de nacht van eerste op tweede paasdag 2003 op het campingterrein uit de bocht gevlogen en tegen twee bomen langs een wandelpad geknald. Voorin het wrak troffen toegesnelde kampeerders de bestuurder gewond en bewusteloos in zijn stoel aan, zijn medepassagier bleek wonderwel volledig ongedeerd en zat voor zich uit te staren. Achter in de laadruimte lag overleden Gerrit, zijn hoofd bebloed en een stuk plastic dwars door de schedel. Voor Gerrits nabestaanden stond onmiddellijk vast dat de zaak niet deugde. De vriendelijke en op de camping altijd graag geziene Rotterdammer kon die nacht volgens zijn zus Trudy onmogelijk vrijwillig bij bestuurder Ruud S. en diens bijzitter Peter V. in de auto zijn gestapt. Gerrit had volgens Trudy een enorme hekel aan dit criminele duo. “Het is uitgesloten dat hij uit eigen beweging met die twee is meegegaan!” Om heel andere redenen kwam een opgetrommelde ongevallenspecialist van de Nijmeegse politie -de ervaren, inmiddels gepensioneerde brigadier Peter Biemans- die nacht eveneens tot de conclusie dat er iets helemaal fout zat. Na een inspectie van het autowrak en van Gerrits lijk verklaarde hij destijds de zaak absoluut niet te vertrouwen. “Ik zag dat het lichaam veel zware verwondingen vertoonde, maar dat er in verhouding veel te weinig bloed was. Ik kreeg daar een slecht gevoel bij, het klopte niet. Ook zijn ligging vond ik raar, omdat hij met zijn voeten bij de deur lag. De gedachte bleef mij achtervolgen dat er meer aan de hand kon zijn dan een verkeersongeval.”

In een memo schreef de ongevallenexpert later dat hij zich verre van serieus genomen voelde door de plaatselijke politie. “Waarom was er geen technische recherche aan te pas gekomen, werd er geen sectie verricht en werd het lichaam zo snel vrijgegeven?” Onafhankelijk van deze verkeersdeskundige, sloeg ook de gemeentelijke lijkschouwer openlijk aan het twijfelen. Hij noteerde onder meer: “Ik vind het een bizarre aanrijding. Het hoofd van het slachtoffer is helemaal verbrijzeld en voelt aan als een zak met losse brokken. Dit letstel hoort bij ongevallen waarbij bijvoorbeeld over het hoofd wordt heengereden. Het zou heel goed kunnen dat er een andere aanrijding is geweest, waarbij dit slachtoffer was geraakt.”

Pas tweeënhalve week na het drama -Gerrit was toen al begraven- stelde de Zaltbommelse recherche alsnog een onderzoek in. Aanzet vormde opnieuw alarmerende informatie, ditmaal afkomstig van de Criminele Inlichtingen Eenheid (CIE) van de Brabantse politie. Twee CIE-informanten hadden daar onafhankelijk van elkaar verklaard dat Gerrit op een fiets zat toen hij die nacht op de camping werd aangereden en dat zijn lichaam daarna door Ruud S. en Peter V. achter in de Nissan was gelegd. Daarmee wordt de theorie aannemelijk dat S. en V. vervolgens met hoge snelheid naar de uitgang van De Rietschoof wilden rijden -wellicht om Gerrits lijk ergens te gaan dumpen- en onderweg tegen een boom klapten. Tijdens het, overigens summiere, rechercheonderzoek werden belangrijke getuigen over het hoofd gezien.

Bijvoorbeeld de twee toegesnelde campinggasten die als eerste bij het ongeval aankwamen en zeggen dat Peter V. destijds “vreemd en verdacht” reageerde. Bestuurder Ruud S. lag door hersenletsel lange tijd in coma. Pas maanden later werd hij gehoord. Hij zei zich niets meer te kunnen herinneren en bleef zich beroepen  op zijn zwijgrecht. S. gaf echter geen toestemming om zijn direct na het ongeluk afgenomen bloed alsnog te laten onderzoeken op sporen van alcohol en drugs. Peter V. hulde zich eveneens in stilzwijgen. Hij verklaarde ondermeer: “ik weet nog dat ik dronken was. Ook Ruud had gedronken. Pas in de ambulance hoorde ik dat er nog iemand achtering lag. Ik hem niet eens zien instappen. ”

Diverse getuigen verklaren dat V. wel degelijk eerder wist dat Gerrit in de auto lag. Bovendien had V. volgends hen bloed op zijn shirt. Nooit werd onderzicht van wie dat bloed was. Een onderzoek naar het wrak kwam er evenmin. Toen de recherche kort na het ongeval naar de wagen op zoek ging, bleek de Nissan al te zijn gesloopt. De politie staakte haar naspeuringen, toen de resultaten van het Nederlands Forensisch Instituut (NFI) bekend waren geworden. Sectie op Gerrits opgegraven lichaam gaf volgens de patholoog-anatoom aan dat de verwondingen door een ernstig ongeval moeten zijn veroorzaakt. Hij liet in het midden wat voor soort ongeval dit precies kon zijn geweest en gaf geen blijk van twijfel of vermoedens.

Een jaar geleden stond Ruud S. terecht voor de rechtbank in Den Bosch, waar hij vijf jaar cel kreeg opgelegd wegens schuld aan de dood van Gerrit en vanwege een serie inbraken en diefstallen. Ook tijdens die zitting werd niet duidelijk wat er precies op de camping De Rietschoof was gebeurd. Volgens de behandeld officier van justitie had het NFI echter geconcludeerd dat Gerrit bij de aanrijdingen tegen de bomen is overleden. Maar is dat wel zo?

Forensisch arts dr. Selma Eikelenboom van het Nunspeetse bureau Independent Forensic Services hield het NFI-rapport de afgelopen dagen op verzoek van Gerrits nabestaanden tegen het licht. Zij concludeert dat er meerdere mogelijkheden zijn waardoor de letsels kunnen zijn ontstaan. De breuken in zijn wervelkolom, ribben en schedel wijzen volgens dokter Eikelenboom op een zogeheten ‘impact site’: dat deel van Gerrits lichaam moet in contact met een zwaar, massief voorwerp zijn gekomen. Andere verwondingen, een gescheurde milt en aorta, komen volgens deze expert voor bij een zogeheten acceleratie/deceleratietrauma: het na een versnelling plotseling tot stilstand komen van het lichaam waardoor kwetsbare weefsel en organen scheuren. “Deze letsels kunnen goed passen bij zowel een aanrijding waarbij het slachtoffer als inzittende in een auto is betrokken, als bij een situatie waarbij het slachtoffer wordt aangereden’, stelt de arts. Eikelenboom schrijft verder haar hypothesen pas te kunnen toetsen als zij de beschikking krijgt over andere NFI-stukken, waaronder voorlopige en definitieve sectieverslagen en foto’s van de plek van het ongeval en de sectie.

De raadsman van Gerrits nabestaanden, de Rotterdamse advocaat mr. Frank van Ardenne heeft justitie op grond van Eikelenbooms eerste conclusie verzocht het onderzoek naar het campingdrama te heropenen. De komende maanden zijn daarvoor een uitgelezen moment, omdat in september een hoger beroep dient in de zaak tegen Ruud S. Advocaat Van Ardenne: “Voor de advocaat-generaal is er nu alle reden opnieuw onderzoek te laten doen. De bevindingen van forensisch geneeskundige Eikelenboom sluiten precies aan bij de opmerkingen van ongevallenspecialist Biemans, de twijfels van de lijkschouwer, de informatie van de Criminele Eenheid en bij het gevoel dat de familie Snoeren heeft. In ons land hebben verdachten uiteraard recht op een eerlijk proces. Maar nabestaanden hebben recht op een gedegen onderzoek. Dat is er in deze zaak nooit geweest.”

Gerrits zus Trudy deed enkele weken geleden nog een ultieme poging bij Peter V. iets over de dood van haar broer te weten te komen. In een keurige brief vroeg zij hem haar ouders te helpen. De enige telefonische reactie van Peter V. en diens partner bestond uit verwensingen en zelfs bedreigingen. Trudy: “Hij heeft klaarblijkelijk van alles te verbergen. Onze hoop is nu gevestigd op justitie. De dood van mijn broer laat ons niet los, omdat we niet weten wat hem is overkomen. Vooral voor mijn ouders is dit niet te verteren. Iedere dag weer is er verdriet en die vreselijke onzekerheid.”

Leave a Reply