Skip to content
 

De verdwijning van Maarten Geurts

Door Waarheidsvinder

Op 2 juni 1989 werd de toen 25 jarige Maarten Geurts uit Breda op de Pastoor Palstraat in Sint Willibrord door 2 mannen in een rode Mercedes ontvoerd. Bij de ontvoering werd geschoten waardoor omwonenden werden gealarmeerd. Zij noteerden het kenteken en belden de politie. Korte tijd later werd de Mercedes door de politie tot stoppen gedwongen en Maarten Geurts werd bevrijd.

Een jaar later op dinsdag 29 mei 1990 blijkt Maarten Geurts alsnog te zijn verdwenen. Over deze vermissing vandaag onderstaand artikel in De Telegraaf.

Bron: De Telegraaf
Door Jolande van der Graaf

BREDA, zaterdag
Ze dronk koffie met zware criminelen. Spelde misdaadverhalen in kranten, woonde rechtszaken bij en bezocht gedetineerden nadat die net uit de bajes waren vrijgelaten. Alles in de hoop een glimp van een spoor naar haar verdwenen zoon op te vangen.
Maar Rietje van Slooten (voorheen: Geurts) is er nooit in geslaagd haar zoon Maarten te vinden, al weet zij zeker dat hij werd vermoord. In de winter van haar eigen leven zet de Brabantse nog eenmaal alles op alles. Met de Haagse strafrechtadvocaat Job Knoester aan haar zijde gaat Rietje de komende maanden een beroep op politie en justitie doen om het dossier in deze vermissingszaak vrij te geven. Lukt dat niet, dan spannen zij een procedure aan om die stukken via de rechter af te dwingen.
Advocaat Knoester hoopt dat dit niet nodig zal zijn. „Er is een nieuwe wet die slachtoffers en nabestaanden meer rechten op bijvoorbeeld dossiers geeft. Het is een logische wens van mijn cliënte om die stukken in handen te krijgen”, vindt hij.

Onderwereld
De verdwijning van de toen 26-jarige Maarten Geurts voert terug naar het Breda van 1990. Maarten was technisch tekenaar van beroep, maar het keurslijf van het werkzame leven paste hem niet. Sinds geruime tijd schurkte hij tegen de onderwereld aan, waar hij goede contacten met twee vroegere jeugdvrienden had aangeknoopt. Die beide mannen zouden later kopstukken van de gewelddadige Julietbende blijken en langere tijd achter de tralies verdwijnen.
Heeft Maarten aan hun latere veroordeling meegewerkt? Moest hij dat met zijn eigen leven bekopen? „Hij kende die twee al erg lang”, kijkt Rietje van Slooten terug. „Met een van hen had Maarten als tiener ooit een vakantiebaantje bij Jamin. Veel later, Maarten woonde toen al op zichzelf, kwam hij opnieuw met hen in contact. Mijn zoon veranderde, raakte verder weg van het goede pad.”
De dagen voor zijn verdwijning bracht Maarten met zijn toenmalige vriendin Julia door in zijn woning aan de Adriaan van Bergenstraat, in het centrum van Breda. Het was het weekeinde van het twintigste Jazzfestival, eind mei 1990. Het liep flink uit de hand, ’s avonds in het uitgaanscentrum.

Maarten was er getuige van hoe een goede vriend, Paul, door kampers in elkaar werd geslagen. Hij schoot Paul te hulp en vocht mee. Maar Maarten kon niet voorkomen dat zijn vriend aan een been behoorlijk toegetakeld raakte. Paul werd per ambulance naar het ziekenhuis afgevoerd.
Zowel Rietje als Julia heeft Maarten na die zaterdag niet meer gezien. Toen het stil bleef en Maarten ook maandag niets meer van zich had laten horen, werden zij ongerust. Rietje: „Het klopte niet, hij kwam altijd eventjes langs. Ik kon Maarten ook niet bellen, omdat zijn telefoon was afgesloten en mobieltjes bestonden nog niet. Toen Julia in de middag bij me aanklopte om te vertellen dat zij Maarten nergens kon vinden, zijn we onmiddellijk naar zijn flat gegaan. Er was iets helemaal mis.”
Omdat de vrouwen geen sleutel hadden, klauterde Julia via het balkon van een buurman de woning in. „De voordeur was niet op slot, Julia kon hem van binnenuit openen. Maartens flat was zoals gewoonlijk keurig opgeruimd. Alles was er, behalve zijn goede kostuum, portemonnee en sleutels. Zijn paspoort lag thuis en ook het contante geld dat hij op een speciale plek bewaarde, was aanwezig. Dat betekende dat hij niet lang wilde weggaan”, weet zijn moeder.

Loogzout
Rietje constateerde dat de douchebak en het bad wit waren uitgeslagen. „Alsof loogzout was gebruikt. Dat was nooit zo geweest. En onder Maartens bed lag een bijl. Er schoten verschrikkelijke beelden door mijn hoofd. Wat hebben ze Maarten in vredesnaam aangedaan?”
Rietje en Julia ontdekten bovendien dat Maarten de dag ervoor met zijn twee maten van de Julietbende een ziekenbezoek aan de gewonde Paul had gebracht. Pauls moeder was op dat moment ook in het ziekenhuis en had Maarten gezien en gesproken. Ze vertelde Rietje dat hij er keurig had uitgezien in zijn pak. Maarten had haar bovendien gezegd dat hij later die dag met zijn twee vrienden naar Amsterdam zou gaan. Waarom dat was, wist Pauls moeder niet.
Wanhopig deed Rietje aangifte van de vermissing. „De politie opende een onderzoek, maar dat stelde weinig voor. Wel was er een moment waarop ik plotseling veel ging begrijpen. Dat was toen een van de rechercheurs zich meldde met in zijn bijzijn een mij goed bekende politieman. Het was de toenmalige baas van de Criminele Inlichtingendienst die voor mijn deur stond.”

Voor Rietje vielen allerlei puzzelstukjes op hun plaats. „Maarten had me eerder toevertrouwd dat hij regelmatig sprak met twee rechercheurs, van wie ik er één goed kende. Ik herinnerde me die woorden van Maarten, het was alsof opeens het kwartje viel. ’Als Maarten dood is, ben jij verantwoordelijk, want hij heeft met jou als CID-chef gepraat’, heb ik die politieman voor de voeten geworpen. Hij schrok enorm en vroeg onmiddellijk hoe ik dat wist.”
Rietje ziet dat als de bevestiging dat haar zoon informant van de politie was en dat met zijn leven had moeten bekopen. Omdat Maarten uitgerekend verdween op de dag dat hij met zijn Julietmaten naar het ziekenhuis was geweest en er in de spoelbak in de keuken van zijn flat drie vuile limonadeglazen hadden gelegen, brengt zij deze twee mannen met de verdwijning en vermoedelijke moord op haar zoon in verband. Dat gevoel werd sterker toen beiden jaren later werden veroordeeld wegens zware misdrijven voor de beruchte Julietgroep.

„Ik heb hun uiteraard gevraagd waar zij die dag na het ziekenbezoek met Maarten naartoe zijn gegaan. Van Amsterdam wisten ze niets, beweerden ze. Maarten hadden ze op het treinstation afgezet. Ik heb er nooit iets van geloofd. Later kwam een van hen Maartens adresboekje halen. Hij zou me helpen, hield hij me voor. Kon er misschien informatie uithalen. Ik kreeg het boekje gescheurd terug. Van alles hadden ze er uitgehaald, ongetwijfeld omdat er voor hen belastende dingen in stonden.”
Maarten Geurts werd sinds maandag 28 mei 1990 nooit meer door iemand gezien. Het politieonderzoek leverde niets op.

Machtig
Alles probeerde Rietje in de loop der jaren om zelf aan informatie te komen. Ze schroomde niet om de grootste gangsters te bezoeken. „Ooit zat ik om de tafel met een gevaarlijke kerel uit deze contreien. Ik deed alsof ik een tweedehandsauto kwam bekijken. Toen hij me een kop koffie inschonk, vertelde ik hem de waarheid. Zijn antwoord vergeet ik nooit: ’Ik heb zelf een zoon, dus ik begrijp u.’ Bovendien wist hij te vertellen dat Maarten grote criminelen had gekend en in opdracht van een machtige misdaadfamilie was omgebracht. Laat Maartens twee vrienden nu altijd naar de pijpen van juist die bewuste familie hebben gedanst…”
Pogingen om later een nieuw politieonderzoek van de grond te krijgen, strandden hopeloos. In 2005 sprak de Bredase uitgebreid met politie en justitie. Pas twee jaar na dato kreeg zij daarover uitsluitsel. ’Er zijn geen verdere aanknopingspunten gevonden’, liet justitie aan Rietje weten. Of Maarten al dan niet CID-informant was geweest, hield het OM geheim.

Inmiddels is Rietje 75 jaar en weet zij nog altijd niet wat er is gebeurd. „Ik hoop dat deze laatste speurtocht iets gaat opleveren. Mijn grootste wens is dat de daders, al is het anoniem, laten weten waar zij Maartens lichaam hebben gelaten. Zelfs moordenaars zullen toch wel begrijpen dat een moeder haar overleden zoon een laatste rustplaats wil geven voordat zij zelf doodgaat?”

Wie meer weet over de verdwijning van Maarten Geurts, kan mailen naar jvdgraaf@telegraaf.nl

Leave a Reply