Skip to content
 

Rudy van der Hoeven hoogstwaarschijnlijk vermoord

Door Waarheidsvinder

De 24-jarige Rudy van der Hoeven uit Blerick, een klein plaatsje vlak bij Venlo, werd op 8 september 2006 ‘s morgens rond kwart over zes door buren bewusteloos gevonden op de galerij voor zijn flatwoning aan de Alberickstraat. De buren waren wakker geworden omdat ze allerlei vreemde geluiden op de galerij hadden gehoord.

Rudy is door de gewaarschuwde ambulance overgebracht naar het ziekenhuis van Venlo. Maar zijn toestand verslechterde dusdanig dat hij werd overgebracht naar het UMC Sint Radboud in Nijmegen. Bij aankomst werd onder meer een CT-scan van zijn hoofd gemaakt en daaruit bleek dat er sprake was van ernstig hersenletsel. Bovendien constateerde de artsen dat Rudy een gebroken kaak had en een gezwollen oor. Omdat behandeling niet mogelijk bleek, er was sprake van een vegetatieve toestand, werd Rudy enkele dagen later overgebracht naar het ziekenhuis in Venlo. Zonder uit zijn coma te zijn ontwaakt, overleed Rudy daar op 12 november 2006.

Volgens de politie was de dood van Rudy het gevolg van een val, een ongeluk dus. De familie van Rudy denkt daar anders over en zocht uiteindelijk contact met De Telegraaf. Op verzoek van deze krant hebben wij een onderzoek gedaan naar het overlijden van Rudy van der Hoeven. Onze conclusie kan kort zijn: het onderzoek van de politie was onzorgvuldig, onvolledig en onprofessioneel. De conclusie van de politie, dat er geen sprake was van een misdrijf, vindt naar onze mening geen enkele steun in de feiten.

Het onderzoek van de politie

Op vrijdag 8 september 2006 rond kwart over zes ‘s morgens krijgt de politie in Venlo een melding dat op de galerij aan de Alberickstraat een bewusteloze man zou liggen. De politie gaat direct ter plaatse en treft Rudy daar bewusteloos aan. Uit het politiejournaal wordt duidelijk dat de ter plaatse gekomen politiemensen direct vaststellen dat er geen sprake is van zichtbaar letsel en daarom ook niet van een misdrijf. Hoe de agenten zonder enig serieus onderzoek tot deze conclusie zijn gekomen, is ons niet duidelijk. Er heeft nadien nog wel wat onderzoek plaatsgevonden, maar het lijkt er op dat de eerst snelle conclusie van de agenten de kwaliteit van het verdere onderzoek negatief heeft beïnvloed. Er heeft bijvoorbeeld geen serieus sporenonderzoek plaatsgevonden op de galerij en het trappenhuis van het betrokken flatgebouw.

De zus van het slachtoffer denkt absoluut niet aan een ongeval, maar aan een misdrijf. Volgens haar had Rudy toen hij werd gevonden een flinke hoofdwond, was de rechterkant van zijn gezicht gezwollen, waren de knokkels van zijn handen geschaafd en had hij allemaal blauwe plekken op zijn lichaam. Een en ander is later bevestigd door een GGD-arts die de politie meldde dat Rudy in ieder geval een gebroken kaak, een gezwollen oor en hersenletsel had.

Een buurman had bovendien gezien dat er bloedsporen waren in het gemeenschappelijk trappenhuis van de flat en dat er bloed aan de muur zat bij de voordeur van de woning van Rudy.

De plaats van aantreffen

De galerij waar Rudy werd gevonden is onderdeel van een uit drie verdiepingen bestaand flatgebouw. De woningen zijn alleen bereikbaar via een gemeenschappelijke centrale toegang aan de Alberickstraat. Via deze centrale toegang komt men op een gemeenschappelijke overdekte galerij aan de achterkant van de flat. Aan deze galerij liggen de toegangsdeuren tot de woningen.

De centrale toegangsdeur beneden is alleen te openen door iemand met een sleutel. Zowel beneden bij de centrale toegang van de flat als bij iedere voordeur zijn bellen aangebracht. Indien er bij de centrale toegang beneden wordt aangebeld, kan de bewoner via een intercom met de beller beneden spreken en daarna met een afstandsbediening de deur voor de bezoeker openen. Iemand kan de betreffende flat dus niet zonder hulp binnenlopen.

Bedreigingen

Een collega verklaart dat Rudy enkele maanden eerder was aangevallen door een drugsdealer bij wie hij nog een schuld had. Sindsdien zou Rudy door de betreffende dealer zijn achtervolgd en kort voor zijn dood had Rudy tegen zijn vriend gezegd dat wanneer hem iets zou overkomen men bij die dealer moest zijn. Uiteraard heeft de getuige dit ook aan de politie verteld, maar nergens blijkt uit het proces-verbaal dat de politie enig onderzoek naar deze persoon heeft gedaan.

 Het politiejournaal

Op 8 september 2006 staat vermeld dat een Technisch Rechercheur telefonisch meedeelt dat de GGD-arts contact heeft gehad met het ziekenhuis in Nijmegen en dat hem was medegedeeld dat Rudy van der Hoeven in ieder geval de volgende verwondingen had;

  1. een gebroken kaak;

  2. een gezwollen oor

  3. ernstig hersenletsel

In deze mutatie wordt ten onrechte de mogelijkheid van een val opengehouden. Vier dagen later staat in het journaal dat die conclusie in het journaal niet juist is. Nu wordt gezegd dat de verwondingen van het slachtoffer zeer wel mogelijk veroorzaakt kunnen zijn door een misdrijf. Opvallend is vervolgens dat deze conclusie van de arts niet in het proces-verbaal wordt vermeld.

De normale gang van zaken

Vriendin Linda verklaart bij de politie dat Rudy als vuilophaler werkt bij de firma Gansewinkel. Zij vertelt dat Rudy een vast patroon heeft. Iedere werkdag zet hij de wekker op 05.15 uur, waarna hij opstaat, zijn brood smeert en vervolgens de hond uitlaat.

Rond 06.15 uur gaat hij naar zijn werk. Hij heeft altijd een rugzak bij zich en loopt dan naar beneden naar de berging. Daar pakt hij zijn fiets en gaat per fiets naar het werk. Volgens Linda is ook op de bewuste dag de wekker om 05.15 uur afgelopen en heeft Rudy daarna de hond uitgelaten. Zij zelf zou weer in slaap zijn gevallen. Zij had gemerkt dat Rudy weer was teruggekomen aan het feit dat de hond in de slaapkamer was toen hij haar als afscheid een kus gaf.

Die ochtend rond 04.45 uur

Een buurvrouw wordt wakker van het blaffen van haar hond. Als zij op haar GSM kijkt, ziet ze dat het 04.45 uur is. Ze staat op en loopt naar de benedenverdieping van haar woning. Als ze daar is, gaat de bel die bij de ingang van de centrale toegangshal van de flat zit. Ze zegt tegen de politie dat ze geen antwoord heeft gegeven, maar of ze wel of niet de toegangsdeur heeft open gedrukt wordt niet vermeld.

 Een buurman verklaart dat hij rond diezelfde tijd wakker werd van geschreeuw. Het tijdstip weet hij omdat hij op de klok heeft gekeken. Hij hoorde niet alleen geschreeuw, maar hij hoorde ook iemand over de galerij langs zijn woning rennen. Daarna werd het stil. De buurman is niet gaan kijken wat er aan de hand was.

Nergens lezen we dat de politie enig onderzoek heeft gedaan naar deze gebeurtenissen. Maar, gelet op de gebeurtenissen rond 06.00 uur, had dat naar onze mening wel gemoeten.

Die ochtend rond 06.00 uur

Een buurvrouw verklaart dat zij rond 06.00 uur wakker werd. Zij hoort iemand Donja roepen en zij hoort een hond over de galerij lopen. Zij weet dat Donja de hond is van Rudy en meent ook zijn stem te horen.

Een buurman verklaart enkele minuten voor 06.00 uur wakker te zijn geworden van lawaai. Het klonk alsof er iemand over de galerij rende. Hij hoorde een jongen een keer schreeuwen. Hij is opgestaan en heeft naar buiten gekeken. Hij zag toen een jongen gebogen op de galerij voor de deur van zijn woning liggen, het bleek om buurman Rudy te gaan. Hij heeft daarop de politie gebeld.

Een andere buurman verklaart omstreeks 06.15 uur lawaai te hebben gehoord alsof er iemand van de trap viel. De indruk wordt daarmee gewekt dat het om de trap in de woning van het slachtoffer ging. Dat blijkt echter niet zo te zijn. Gebleken is dat hij doelde op de trap in het gemeenschappelijk trappenhuis. Later realiseerde hij zich dat dit niet waar kon zijn omdat het hier een stenen trap betreft en dat de harde klap die hij had gehoord vermoedelijk was veroorzaakt door een klap van ijzer op ijzer. Alsof iemand met een staaf ijzer op de metalen trapleuning sloeg.

Een volgende buurvrouw verklaart tegen de politie dat zij ‘s morgens na het aantreffen van Rudy van der Hoeven een auto de binnenplaats achter de flat zag oprijden richting C 1000 en Aldi. Volgens haar was het een roestbruine oud model Opel Corsa. Achter het stuur zat een haar onbekende man met een witte wollen muts op. Toen zij oogcontact met de man maakte, reed hij hard weg.

Een week later is zij opnieuw gehoord. Zij verklaart dan dat de man met de rode auto een tijdje later was teruggekomen en zijn auto had geparkeerd bij de C 1000. Ze zag vervolgens de bestuurder richting de C 1000 lopen en verloor hem daarna uit het oog. Toen er even later sirenes klonken, zag zij de man snel terug naar zijn auto lopen en vervolgens zag en hoorde zij hem met piepende banden wegrijden.

In het politiejournaal staat vervolgens “fotoconfrontatie?”. De steller van de mutatie dacht kennelijk dat het zinvol zou kunnen zijn deze getuige foto’s te laten zien. Kennelijk is dat niet gebeurd, want er staat niets over in het proces-verbaal. Waarom deze fotoconfrontatie achterwege is gebleven, is niet duidelijk. Mogelijk heeft dit te maken met het feit dat de politie er vanuit ging dat het hier niet om een misdrijf handelde.

De sectie

Na het overlijden van Rudy wordt op 14 november door het NFI sectie verricht op zijn lichaam. De patholoog komt tot de conclusie dat Rudy uiteindelijk is overleden aan een longontsteking, vermoedelijke veroorzaakt door de beademingsmachine waar hij aan lag. Maar daarnaast schrijft hij dat er een nader neuropathologisch onderzoek zal worden gedaan naar het hersenletsel van Rudy van der Hoeven. Dat onderzoek duurt bijna een jaar en dat is iets wat wij nog nooit hebben meegemaakt. De patholoog schrijft dan een brief aan de verantwoordelijk officier in Roermond. In de brief staat onder meer dat het bij Rudy van der Hoeven aangetroffen hersenletsel zich ook laat verklaren door bijvoorbeeld een harde val op het hoofd. Harde klappen op het hoofd als oorzaak voor het hersenletsel worden door hem niet uitgesloten. Opvallend is dat de patholoog in zijn rapportage niet spreekt over de kaakbreuk die op 8 september 2006 in het Radboudziekenhuis in Nijmegen was geconstateerd. Politie en justitie nemen genoegen met de rapportage en sluiten het dossier.

De behandelend artsen

De behandelende artsen in het Radboud ziekenhuis in Nijmegen dachten destijds echter anders over het letsel van Rudy van der Hoeven. Zij dachten dat het letsel zeer wel mogelijk veroorzaakt kan zijn door een misdrijf. Deze conclusie van de behandelend artsen wordt niet vermeld in het proces-verbaal dat de politie naar de officier van justitie heeft verzonden.

Er was kennelijk een verschil van mening tussen de patholoog-anatoom van het NFI en de behandelende neurologen in het Sint Radboudziekenhuis over het ontstaan van het hersenletsel van Rudy en de andere verwondingen die hij had. Een dergelijke situatie komen wij in ons werk wel vaker tegen. Helaas zien we ook dat politie en justitie maar al te graag bereid zijn de bevindingen van het NFI over te nemen. Dat is hier ook gebeurd. Dat getuigt niet van professionaliteit. In dit geval had de officier van justitie een second opinion moeten aanvragen van onafhankelijke (buitenlandse) deskundigen. Dat is niet gebeurd.

Bedreigingen

Maar er is meer dan alleen het hersenletsel van het slachtoffer. We weten uit de verklaringen van een aantal gehoorde galerijbewoners dat er die ochtend een aantal bijzondere gebeurtenissen zijn geweest die zouden kunnen wijzen op een mogelijke betrokkenheid van een onbekende bij het ontstaan van het hersenletsel van Rudy van der Hoeven.

Uit meerdere getuigenverklaringen blijkt dat Rudy van der Hoeven al jaren problemen heeft met een plaatselijk bekende drugsdealer. Deze dealer zou hem onder meer een half jaar eerder hebben aangevallen toen Rudy ‘s morgens naar zijn werk fietste. Een collega van Rudy, was getuige van die aanval, maar hij is door de politie nooit gehoord.

Daarnaast is er nog het reeds vermelde verhaal over de man in een roestbruine Opel Corsa die zich verdacht gedroeg door met piepende banden weg te rijden toen er sirenes te horen waren.

Uit het journaal blijkt dat de politie in de omgeving van de woning van deze man een rode auto heeft aangetroffen, maar geen roestbruine. En daarmee was voor haar de kous kennelijk af. Het merk van deze auto wordt in het journaal niet vermeld, maar volgens een getuige had de betreffende dealer destijds een rode Suzuki Swift. Het oude type van dit model zou makkelijk kunnen worden verward met het oude type Opel Corsa. Ten aanzien van de kleur is de vraag hoe juist de waarneming van de getuige was. Bij brandende straatverlichting, en die was er volgens haar, kunnen autokleuren er heel anders uit zien. De vraag is of je dan nog kunt zeggen of een auto roestbruin of rood is.

Maar zelfs als de politie er vanuit is gegaan dat het om een roestbruine Opel Corsa moest gaan, dan had men via de Rijksdienst voor Wegverkeer kunnen nagaan hoeveel auto’s van een dergelijke type en kleur in Venlo en omgeving reden. Dat is kennelijk niet gebeurd. Nergens blijkt van enig serieus onderzoek naar de gesignaleerde auto en zijn bestuurder.

Waar is het gebeurd?

Gelet op de inhoud van het dossier is de politie er vanaf het begin vanuit gegaan dat Rudy van der Hoeven zijn hersenletsel heeft opgelopen op de plaats waar hij is aangetroffen, op de galerij van de flat voor perceel 45. De vraag is echter of deze aanname terecht was. Gelet op de verklaringen van enkel getuigen is het waarschijnlijker dat Rudy in het gemeenschappelijke trappenhuis is aangevallen en dat hij daarna naar zijn woning is gelopen. Die woning heeft hij echter niet meer gehaald.

Resumé

Op het kopie van het proces-verbaal dat de familie van de politie heeft ontvangen staat met de hand geschreven: “Opleggen. Geen strafbaar feit.” Die conclusie delen wij niet. Er dient daarom naar onze mening een nieuw onderzoek te worden opgestart onder leiding van een nieuwe officier van justitie. Daarbij zou onder meer door onafhankelijke deskundigen opnieuw dienen te worden gekeken naar het ontstaan van het letsel van Rudy van der Hoeven.

De familie van Rudy heeft daar recht op.

4 Comments

  1. Pot says:

    Waarom geen onderzoek naar bekende drugsdealers in de regio?
    Inderdaad, waarom geen onderzoek naar auto?
    Het scenario Aangevallen en keihard geslagen in trappenhuis en getracht thuis te geraken ligt voor de hand gelet op getuigenverklaringen en bloedsporen. Motief zeer aannemelijk. Onderzoekers amateurs………en de boer….. hij ploegde voort……
    Dat agenten, officieren e.d. hier mee kunnen leven….?!??

  2. Insider says:

    Het is ook een kwestie van ‘hoe serieus neem ik mijn werk’, hoeveel is de kans dat er eer behaald wordt aan de zaak, natuurlijk hoeveel tijd (geld) mag je er van de baas in stoppen vooral omdat het toch een vrij complexe zaak is en de kans op volkomen duidelijk klein is of te wel de zogenaamde kosten baten analyse. Ook de kwaliteit van de politiemensen is cruciaal. Gaan er niet enige bellen rinkelen dan mis je toch net dat zintuig dat veel rechercheurs gelukkig nog wel hebben. In dit soort gevallen worden voor meerdere vormen van uitleg gemaakte conclusies van pathologen ook vaak omarmd als excuus de zaak snel af te sluiten

  3. admin says:

    U heeft gelijk, maar voor nabestaanden is het heel belangrijk dat politie en justitie zullen erkennen dat het onderzoek destijds de schoonheidsprijs niet verdiende en dat Rudy het slachtoffer is van een misdrijf.

  4. wim says:

    Een argeloze lezer zou denken, dat de drugsdealer buiten schot gehouden wordt door de politie.

    Nu er veel sporen in de eerst6e uren verloren zijn gegaan zal het moeilijk zijn om een veroordeling te bewerkstelligen. Nog een paar dagen en carnaval is voorbij.

Leave a Reply