Skip to content
 

Valse bekentenissen blijken afgedwongen

Door Waarheidsvinder

Veel Nederlanders kunnen zich niet voorstellen dat onschuldige mensen tijdens hun verblijf aan het politiebureau dingen bekennen die ze niet hebben gedaan. Toch gebeurt dit regelmatig. Denk maar aan de Puttense Moordzaak, de Schiedammer parkmoord, de zaak Ina Post, de zaak Spelonk op Bonaire en de moord op platenproducer Bart van der Laar. We schreven er al vaak over.

Op dit moment loopt er een herzieningszaak waarbij zes onschuldige mensen in het verleden zijn veroordeeld voor een moord die ze niet hebben gepleegd. Ook hier was er sprake van valse bekentenissen door enkele van de destijds aangehouden verdachten.

Het gaat om de in 1993 gepleegde moord op oma Mok van het Chinees restaurant Peacock in Breda. De Hoge Raad heeft de veroordeling inmiddels vernietigd en de zaak voor een nieuwe behandeling toegewezen aan het Gerechtshof in Den Haag. Onderstaand artikel uit de Volkskrant laat zien hoe enkele verdachten destijds tot hun “bekentenissen” kwamen. Het is geschreven door Volkskrantjournaliste Wil Thijssen.

Advocaat laakt verhoormethode “Zes van Breda”

Een verdachte kreeg in haar cel alleen maandverband als ze zou meewerken met de politie. Een ander kreeg bevroren brood als lunch. Verhoren gingen urenlang door, zonder pauze, wekenlang achtereen. Een verdachte was zwanger maar werd door de verbalisanten niet geloofd. Die gingen juist zitten eten tijdens haar verhoor, waardoor ze misselijk werd. Ze kreeg een miskraam tijdens haar detentie.

Het is een greep uit de verhoormethoden uit 1994, die volgens advocaat Knoops verklaren waarom drie veroordeelden van de ‘Zes van Breda’ destijds een moord bekenden die ze volgens hem niet hebben gepleegd. Hun zaak werd eind 2012, na 21 jaar, heropend na de ontdekking dat ontlastend bewijs aan de rechters is onthouden. Dit is mogelijk de grootste gerechtelijke dwaling in de Nederlandse geschiedenis.

Geen fysiek bewijs

De “ Zes van Breda” ontkennen dat ze in 1993 ‘oma Mok’ van Chinees restaurant Peacock in Breda hebben vermoord. De vrouw werd gewurgd, een gokkast was leeggehaald, haar juwelen zijn gestolen. Drie vrouwen en drie mannen, allen rond de twintig jaar, werden opgepakt en na bekentenissen veroordeeld. Zij hebben straffen tot 10 jaar uitgezeten. Fysiek bewijs is nooit gevonden.

De hamvraag luidde al die jaren: waarom hebben drie van hen bekend? In de herziening van deze zaak schetste advocaat Knoops vrijdag, na anderhalve dag pleiten, ontluisterende verklaringen over de verhoormethoden uit die tijd. Zo loog de politie dat haren van een verdachte waren gevonden op de plaats delict, hoewel nooit enig dna-bewijs is gevonden dat tot de ‘Zes van Breda’ leidt. Ook loog dat politie dat een van de verdachten een bekentenis tegen de anderen had afgelegd. De verdachten werden met stemverheffing en vuistslagen op tafel bevraagd. En de verbalisanten beloofden: als je bekent, mag je naar huis. Ook dat was niet waar. Maar de drie vrouwen verdroegen hun eenzame opsluiting niet langer.

Tunnelvisie

Vrijdag bleek dat de onderzoeksleider van destijds wist dat een van de vrouwelijke verdachten labiel en kwetsbaar was en snel onware, tegenstrijdige verklaringen aflegde. “ Ze ging van kroongetuige naar pathologisch leugenaar ”, heeft deze onderzoeksleider onlangs voor de rechter-commissaris verklaard.

Desalniettemin werden haar verklaringen als waarheid aan de andere vijf verdachten voorgelegd. Ook erkent de recherche dat deze vrouw bewust, om die reden, als eerste verdachte was aangehouden.

Een van de verbalisanten van destijds heeft onlangs bij de rechter-commissaris verklaard dat hij toentertijd al constateerde dat er sprake was van een tunnelvisie bij de recherche: “ Op basis van slechts één proces-verbaal werd ons onderzoek geopend. […] Er werden geen andere scenario’s aan de orde gesteld.” Binnen de recherche was volgens hem in 1994 al discussie of de verdenking tegen de Zes van Breda niet ‘te mager was om tot aanhouding te kunnen overgaan’. Maar: “ Een bekentenis is een euforisch moment, daar doe je het voor.”

Veroordeelde Appie T. hoopt dat de zes binnenkort worden vrijgesproken. “ Ik hoop op eerherstel. Dat aan mijn kinderen, familie en omgeving bewezen kan worden dat ik geen laffe moordenaar ben! De schade die mij aangedaan is, is onherstelbaar. Ik ben meer dan 21 jaar bezig met de zaak en ben de rest van mijn leven hierdoor getekend. Gerechtigheid zal in dit leven nooit meer volledig kunnen geschieden. Daarvoor is teveel kapot gemaakt.”

Op 30 september wordt de zaak voortgezet.

Tot zover het krantenartikel.

Je zou verwachten dat het Openbaar Ministerie er inmiddels ook wel van overtuigd is dat hier sprake moet zijn van een gerechtelijke dwaling. Niets is echter minder waar.

Advocaat-generaal Winfried Korver, die de zaak voorbrengt, legt alle feiten naast zich neer. Volgens hem is er geen sprake van valse bekentenissen en is er daarom geen sprake van een gerechtelijke dwaling. Hij wil dat de onschuldige verdachten opnieuw worden veroordeeld. Net zoals we dat zagen bij de Puttense moordzaak en de zaak Ina Post, waar ook justitie bleef volhouden aan de schuld van de veroordeelden. Gelukkig dachten de rechters in die zaken er anders over.

Dus is ook deze AG een voorbeeld van iemand die meer hecht aan het imago van politie en justitie dan aan de waarheid. Nu maar hopen dat de leden van het Hof in Den Haag daar anders over denken. Na 22 jaar is het tijd voor gerechtigheid.

Leave a Reply