Skip to content
 

Aanpak vermissingen moet beter

Door Waarheidsvinder

Al jaren hebben wij kritiek op de aanpak van vermissingszaken in Nederland. De politie gaat er vaak te gemakkelijk vanuit dat mensen vrijwillig zijn verdwenen. Als excuus wordt dan aangevoerd dat er in Nederland zoveel vermissingen zijn (40.000) dat men niet in staat is al die zaken uitgebreid te onderzoeken. Wij zijn het daar niet mee eens. Een deskundig iemand is meestal al snel in staat om een eerste schifting te maken, maar dan moet je wel weten waar je naar moet kijken.

Door een groep criminologen is er nu onderzoek gedaan naar de aanpak van vermissingszaken. Onderzoekster Ilse van Leiden zegt in Radio 1 journaal dat het volgens de onderzoekers bij de politie ontbreekt aan recherche-ervaring. “Meestal gaan surveillanten van de politie als eersten naar een melding van een vermissing. Zij hebben niet voldoende geleerd om op een goede manier te kijken naar vermissingszaken.”

Als de onderzoekers daar gelijk in zouden hebben dan ligt de oplossing van het probleem voor de hand, er moet altijd een rechercheur gewaarschuwd worden als er sprake is van een vermissing. Helaas zal dat volgens ons ook niet de oplossing brengen. Ook de gemiddelde rechercheur in Nederland heeft weinig kennis van de aanpak van vermissingszaken. Wij hebben inmiddels veel vermissingszaken onderzocht en steeds opnieuw bleek dat ook rechercheurs maar wat aan rommelden.

Bij een vermissing gebruikt de politie de naaste omgeving van die persoon vaak als voornaamste informatiebron. Men neemt vaak klakkeloos aan wat er wordt verteld. Men realiseert zich daarbij kennelijk onvoldoende dat bij verdachte verdwijningen vaak mensen uit de directe omgeving betrokken zijn.

Volgens Ilse van Leiden vraagt een misdrijf of een vrijwillige verdwijning om een andere aanpak. Ze zegt dat het echter moeilijk inschatten blijft. “Bij een moordzaak heb je een misdrijf, een plaats delict en een slachtoffer. Maar bij vermissingen ontbreken al die punten. Je hebt dan alleen de verhalen van de achterblijvers. Dat maakt het veel moeilijker beslissen wat je moet doen. En het tegenstrijdige is dat je dan juist iets moet doen om uit te sluiten dat er sprake is van een misdrijf.”

Wij zijn het niet met deze onderzoekster eens. Je hebt niet alleen de verhalen van de achterblijvers, er zijn wel degelijk meer mogelijkheden. Een gedegen sporenonderzoek in de woning van de verdwenen persoon en een gedegen onderzoek van diens computer en van de gegevens van een mobiele telefoon kunnen je vaak al een goed beeld geven van hetgeen er mogelijk is gebeurd. Alles staat of valt met kennis van zaken en de wil om zaken serieus te bekijken.

Daarnaast zijn er ook andere zaken waarin eerst gekeken behoort te worden of er sprake is van een misdrijf. Aangiftes in zedenzaken blijken in zo’n 1 op de 5 zaken vals te zijn, ook hier moet eerst een dergelijk onderzoek plaatsvinden. Bij onnatuurlijke overlijdens moet het onderzoek zich in eerste instantie ook richten op de vraag of er wel of niet een misdrijf is gepleegd. Ook in deze twee voorbeelden blijken veel rechercheurs niet over de vereiste kennis van zaken te beschikken om een dergelijk onderzoek op een professionele wijze aan te pakken.

Het onderzoek naar vermissingen verschuiven van surveillancedienst naar recherche zal daarom naar onze mening weinig verbetering brengen. Er is echt meer nodig.

5 Comments

  1. Insider says:

    ‘Straffe woorden’ van dhr. Remue. De praktijk is echter een stuk weerbarstiger. “Oud Rijkswachters” en de oud gerechtelijke politie die neerkijken op de gemeentelijke politie, deze laatste jaren geleden nog een veredelde stadswachtdienst met geringere opleiding. Vlamingen die geen zaken willen doen met Walen en vise versa, nog steeds een enorme versnipperingen van gebiedjes allemaal met hun eigen potentaten. Mijn ervaringen met de Duitse en vooral de Engelse politie zijn een stuk beter. Begin jaren ’90 werden in Engeland diverse processen in Engeland na enige flaters grondig aangepakt. Duitsland heeft nog steeds de overbekende ‘grundigkeit’. Het nut van het vertonen van reportages zie ik niet behalve dat de politiediensten zich hiermee zelf ‘een veer in de r**t steken’. Er kan en moet in Nederland op dit vlak veel verbetering plaatsvinden. Alleen kijk daar niet de politiediensten op aan maar de mensen op wie u aflopen 15 maart gestemd heeft. Zij beslissen namelijk in een nieuw regeerakkoord of ze veiligheid en opsporing wel serieus nemen door mensen en financiën ter beschikking te stellen of dat ze deze zaken als vervelende sluitpost in de begroting beschouwen.

  2. juzo says:

    Alain Remue heeft -van origine- het leiderschap en het algehele volmacht om als politieman met de rang van commissaris feitelijk als een “substituut van de Procureur des Konings” door alle rangen en standen van politie en Justitie heen te kunnen “wandelen”. Hij doet dat volgens mijn eigen ervaring met hem met orkaankracht. Iedereen wijkt en deinst voor hem opzij. Volgt blindelings en stante pede zijn bevelen en aanwijzingen. Wat dat betreft is hij een uniek figuur. Met alle organisaties van “bereden en onbereden” politie in België heeft hij niets te maken. “Er bestaan voor mij geen organisaties”, zegt hij “iedereen doet wat ik wil”. Als er een hele rijksweg moet worden afgegraven dan wordt er een hele rijksweg afgegraven.

    Het komt wel eens voor dat een of andere verdwaalde functionaris niet vlug en vaardig, volledig genoeg met hem meewerkt. Die krijgt het daarna te bezuren inzake zijn verdere loopbaan en ontslag door de inwendige en uitwendige contacten die Remue heeft met de Belgische regering.

    Over de diverse zaken die hij aan de hand heeft zijn regelmatig urenlange reportages te zien op het Belgisch-Waalse televisiekanaal RTBF La Une “Ovio” en “On n’est pas des pigeons” in de vroege avond-uren.

    België gaat ons daarin voor.
    Duitsland kenmerkt zich in politie-optreden bij dit soort zaken door buitengewoon hardnekkige grondigheid en vasthoudendheid. Uitstekende reportages daarover zijn te zien in de ARD-kanalen Phoenix en ZDF-info.

    Voor de Nederlandse politie is in dat opzicht niets te doen.
    Er is nooit een enkele reportage te zien.
    De voorlichting ligt geheel op zijn gat.

    Voorlichters zijn onze vijanden,
    zeggen politie en pers gemeenschappelijk.
    Er is geen enkele registratie.

    Daar komen we dan wel verder mee.
    In 50 achterliggende en toekomende jaren.
    .

  3. Potman says:

    In Belgie is nog steeds de afnemende strijd tussen de gerechtelijke politie, gemeentepolitie en de rijkswacht na de reorganisatie aldaar in de jaren 90 vorige eeuw. Dat was in Nederland niet anders (rijks – en gemeentepolitie). Feit is dat het in Belgie door onder andere Dutroux het meer aandacht heeft gekregen.
    Specialisatie leidt tot verhoging salaris, dus eenheidsworsten…..goedkoper. Het zal je kind of ouder maar wezen…….

  4. Insider says:

    Zoals gewoonlijk doet dhr. Juzo de Nederlandse politie af als een soort minkukels. De achterliggende gedachte met zijn als buitenstaander zeer beperkte inside informatie begrijp ik nog steeds niet. De oorzaak dat er in Nederland niet dergelijke teams bestaan vinden we echter terug in de midden jaren tachtig toen de brede basis[politiezorg z’n intreden deed. Iedere gewone straatdiender moest multifunctioneel inzetbaar zijn. Een schier onmogelijke taak gezien de vaak complexe materie van diverse vakgebieden. Achterliggende gedachte was echter een soort van eerste bezuinigingsfase. Bij de reorganisatie van 1994 werden alle gespecificeerde teams definitief de nek omgedraaid. Specialisatie was een vies woord geworden en zo vloeide alle kennis op bepaalde gebieden weg en moest de politie opeens bestaan uit 50.000 eenheidsworsten.
    Waar dhr. Juzo over België spreekt gaat het op het gebied van vermissingen wellicht goed alleen op andere gebieden wil je geen dergelijke politiekorpsen hebben. Diverse korpsen in België die elkaar het licht in de ogen niet gunnen, totaal geen informatie met elkaar delen en uit tientallen koninkrijkjes bestaand die langs elkaar heen werken. In Nederland is het gewoon een ordinaire kwestie van geld vertaald in personeel,materieel en scholing…. maar zeker geen onwil

  5. juzo says:

    Het is helemaal juist wat de Waarheidsvinders hierboven hebben opgemerkt.
    Ik heb het idee dat in Nederland vermissingszaken niet helemaal volwaardig worden ingeschat en behandeld.

    In dat verband is het wel eens aardig te bekijken (en zelf meegemaakt te hebben) hoe dat in België en Duitsland in recente zaken is gegaan.
    In België is de aanpak van vermissingszaken, jongen en oude personen, in handen van één en hetzelfde “politiecomité”. Dat bestaat uit (een groot aantal) gespecialiseerde politierechercheurs. Die niets anders te doen hebben. Zijn er geen vermissingen, dan doen ze data-archiverings- en vergelijkingswerk, daderprofielen, criminaliteitshaarden. Zij hebben “alle volmachten”. Kunnen heel snel en onmiddellijk beroep doen op lokale en interlokale ondersteunende afdelingen instanties instellingen en organisaties.

    Daar is goed op geoefend en dat wordt heel levendig gehouden. Aan het hoofd staat een “geheel gevolmachtigde” politiechef, commissaris Alain Remue met zijn directe team. Hij bedient ook de media. Gaat overal zelf ter plaatse, en geeft snel de juiste aanwijzingen. Hij is als superspecialist het meest ervaren. Hij zegt vaak: “In de eerste uren, zo kort mogelijk, na het alarm van vermissing, moet je toegeslagen hebben. Moet je al succes in aanwijzen opsporen en achtervolgen gehad hebben. Anders lukt het niet meer. Dus moet alles, wat maar mogelijk is, en dat ter beschikking staat, juist in de eerste uren maximaal worden ingezet.” Opschaling naar het hoogste niveau geschiedt bij hem altijd in de eerste minuten. Hij maakt gebruik van zoveel mogelijk onderling verbonden plaatselijke goed geoutilleerde en ervaren, geoefende units. Daar doen ook veel gespecialiseerde burgers aan mee. Hij noemt zichzelf en zijn afdeling “redelijk succesvol”.

    Ook in aangrenzend Duitsland zijn sterk gespecialiseerde, interlokale vermissings-opsporingsteams. Ze werken in het euregionale grensgebied zonder enige moeite over de grenzen snel degelijk en geoefend met elkaar samen. Het kenmerk daarvan is, dat ze dag en nacht bezig zijn per geval. Ze laten nooit los. Draaien diensten van onafgebroken 48 uur en zijn niets ontziend fanatiek. Veranderen soms van functie of gaan tijdelijk uit de dienst, om hun “zaak” beter en ongestoord af te kunnen maken.

    Zo ver zijn we in Nederland nog niet.
    We zijn op geen enkel punt ver, waar het de politie betreft.

    http://www.limburger.nl/cnt/dmf20170311_00037535/18-jarig-meisje-vermist-vader-doet-oproep

    .

Leave a Reply