Skip to content
 

Verzoek verplaatsing onderzoek

Door Waarheidsvinder

Gisteren meldden wij u al dat het Militair Hof in Arnhem het Openbaar Ministerie in Arnhem opdracht heeft gegeven nieuw onderzoek te doen naar de ontploffing van een handgranaat in een Nederlandse Bushmaster in Afghanistan. Bij die ontploffing liep soldaat Erik Groenendijk blijvend letsel aan zijn rug op. Hij verdenkt zijn toenmalige collega Admilson R. verantwoordelijk te zijn geweest voor die aanslag op zijn leven.

Vandaag heeft advocaat Sébas Diekstra namens het slachtoffer Erik Groenendijk een brief geschreven aan het College van Procureurs-Generaal waarin hij verzoekt een ander Openbaar Ministerie dan dat in Arnhem met het nieuwe onderzoek te belasten. Gelet op houding van de het Openbaar Ministerie in Arnhem in deze zaak tot nu toe heeft zijn cliënt weinig vertrouwen in de kwaliteit van het nieuwe onderzoek wanneer dat weer door Arnhem wordt geleid.

Wij begrijpen dat wantrouwen. Tot op heden liep het OM in Arnhem blind achter de onderzoekers van de Kmar aan die wekken tot op heden bepaald niet de indruk dat zij echt op zoek naar de waarheid zijn. Het leek er veel meer op dat de vuile was binnenskamers moest blijven.

Wij hopen daarom met Erik Groenendijk dat het College van Procureurs-Generaal een ander Openbaar Ministerie met het nieuwe onderzoek zal belasten. Iedere schijn van vooringenomenheid dient immers te worden weggenomen.

Noot 21 mei

Het college van PG’s heeft bepaald dat het onderzoek wel in Arnhem blijft maar dat een andere officier van justitie de zaak onder handen krijgt. Volgens het college mogen militaire zaken alleen in Arnhem worden behandeld, dus verplaatsing naar een ander parket zou niet kunnen.

One Comment

  1. juzo says:

    Het is altijd een moeilijke zaak als het “gewone” Openbaar Ministerie voor de burgers, zich met “het Leger” gaat bemoeien.
    De burgers, het “gewone Openbaar Ministerie”, hebben niets met het leger te maken.
    Het leger vormt een staat in de staat.
    Net zoals de politie en de rechtspraak dat doen.
    Voor het leger, en de daden van de militairen in de oorlogssituatie, is er de Krijgsraad. Daar houdt het wel zo’n beetje mee op.
    Er is een aparte afdeling van het Openbaar Ministerie.
    De “gewone” leden van et “gewone” Openbaar Ministerie, voor de burgers, hebben van leger- en van oorlogszaken geen verstand.
    In de oorlogssituatie mogen voor en door militairen dingen gebeuren, die voor en door de burgermaatschappij niet zijn toegestaan. Bijvoorbeeld doden.
    Er heersen aparte produres, gebruiken gedragingen en en gewoontes, die door de burgermaatschappij en het burgerrecht niet zullen en niet kunnen worden begrepen.
    In zekere zin dient het gewone Openbaar Ministerie dus buiten legerzaken te blijven.
    Als dat niet gebeurt zitten we met de stukken te kijken.
    En dat is nu.
    Zie het maar op te lossen.
    Dat wordt dus niets.
    Over het leger hoort, als algemeen principe, niets aan de burgerij bekend te worden gemaakt.
    Anders kan het leger niet meer functioneren.
    Dus ook niet als er doden of slachtoffers zijn.
    En hoe die aan hun eind zijn gekomen.

Leave a Reply